Op
vrijdag 18 juni bezocht de Ieperse Koninklijke Hofbouwmaatschappij de tuin van
medelid en professioneel tuinaannemer Stefaan Parret gelegen langs de Marshofstraat
te Vlamertinge. De tuin kunnen we omschrijven als zijn levenswerk. Zo'n 25 jaar
geleden vatte hij het idee aan om het terrein van ruim 6000 m² stap voor
stap om te toveren in een tuin naar zijn idee en inspiratie. Hij gebruikte daarbij
vele uit de tuinkunstgeschiedenis reeds gekende trucs van perspectieven, ruimte-indelingen,
geschoren vormen, doorzichten, water, hoogteverschillen... De bezoeker komt in
een sfeer van verrassing, verademing en verpozing want een tuin als deze is er
niet alleen voor het eigen genot maar de tuinier beleeft voldoening aan het ontvangen
van bezoekers. Reeds van in de oprichtingsjaren (1887!) werd door de vereniging
"tuinbezoeken" ingericht bij collega's-tuinliefhebbers. Getuigenis hiervan
is de beschrijving van verschillende parken en (kasteel-)tuinen in de tijdschriftjes
welke de Hofbouwmaatschappij uitgaf voor 14-18.


Het
was een eerder druilerigere en frisse zomeravond, maar toch waren 54 leden en
sympathisanten van de partij om dit levenswerk van Stefaan te aanschouwen. Hierbij
was een grote groep trouwe standvastige bekenden aanwezig maar ook meerdere niet-leden
en andere ons bekenden-collega's uit de tuinbouwwereld die van de gelegenheid
gebruik maakten om er ook bij te zijn. Het is niet altijd evident om verborgen
privé-hoekjes te bezichtigen. In een kameraadschappelijke sfeer zette iedereen
voet aan wal.
In 2009 nam Stefaan met zijn tuin deel aan de competitie
"Wedstrijd van de Vlaamse tuinaannemer". Hij behaalde hierbij de zilveren
medaille in de categorie "grote tuin". Stefaan is niet de man die hiermee
torenhoog van de daken gaat schreeuwen, maar bij het bezoek ervaren wij zijn know-how
en vooral ook zeer grote werkijver om dergelijke realisatie waar te maken en te
kunnen blijven onderhouden. Hij hoopt daarbij dat zijn concept nog vele tientallen
jaren zal in stand gehouden worden. Het is nu eenmaal zo dat van "historische
tuinen" de ontwerpers en hoveniers al lang zijn overleden... Boompje groot,
plantertje dood... Tuinen en parken worden vaak aangelegd voor de komende generaties
en zullen deze bovendien nog menige tijd inspireren.
Stukje voor stukje
werd de tuin aangelegd in de voorbije 25 jaar. De tuin resulteert in frisgroene,
tuinbrede grasperken, rustgevende waterpartijen en zwemvijver, eindeloze wandelgangen,
een pronkboog voor Sint Elooi en majestueuze bomencollecties. Het is geen bloementuin,
maar eerder een tuin van groene structuren, afgelijnde ruimtes en doorzichten.


Het
domein is onderverdeeld in drie kamers welke met hoge hagen zijn omzoomd. Vanaf
de straatkant heeft de voorbijganger geen enkele blik op de tuin. Vierhonderd
meter wandelpaden leiden de bezoeker langs alle verrassende hoekjes. In een eerste
kamer gaat alle aandacht naar vier in elkaar overlopende vijvers, bijhorende fonteinen
en waterplantencollecties. Geschoren taxusblokken en buxus- en taxushagen geven
de waterpartij een strakke omkadering. In het verlengde van deze vijver ligt een
verhoogd terras met een lange arduinen tafel. Tuingasten kunnen ook hun stoel
onder tafel schuiven in een nabije overdekte zitkuil met open haard en barbecue.
De tweede tuinkamer bestaat voornamelijk uit een grasperk waarin een aantal berken,
Liriodendrons en Metasequioas elkaar groepsgewijs terugvinden. Opmerkelijk hierbij
is ook dat de betonnen bedrijfsloods volledig aan het oog wordt onttrokken door
een hoge haag van linden. Aan de andere kant van deze ruimte zorgen de standbeelden
van Sneeuwwitje en de zeven dwergen voor een speelse noot. Zij staan in een bed
van natuursteenplaten dat doorgroeid is met een grove soort rijkbloeiende paarse
bieslook. Dit illustreert ook dat de tuin is samengesteld met meerdere diverse
toevallige vondsten die op dat ogenblik de ontwerper inspireerden.
Vervolgens
leidt een trap naar een derde, meer natuurlijk aangelegde tuinkamer. Hoogteverschillen
en een lossere plantengroei vergezellen de omgeving van de zwemvijver. Trekpleister
is ook de opvallende tuinkiosk (noemden wij dat in de tuinkunstgeschiedenis geen
"gazebo"?). Gemaakt met recuperatiematerialen in de stijl van het woonhuis
brengt deze eenheid in de tuin en daarbij onderdak en verpozing bij minder goed
weer. Achteraan in de tuin kreeg een witstenen beeld van Sint-Elooi een gloriette
en een erehaag van perfect geschoren taxuskegels. Weerom een toevallige vondst
die in de tuin werd ingekaderd. Het beeld stond 80 jaar op de Leet op het gebouw
van Stevens. In deze buurt staat eveneens een ronde berceau ("loofgang")
van haagbeuk welke het enige uitzicht en contact biedt van de tuin met het achterliggende
vlakke landschap tussen Ieper en Vlamertinge. De tuinier aanschouwt van hieruit
de wereld...



Alle aanwezigen waren werkelijk beroerd door de manier van aanpakken. Doorgedreven
kennis, uitgekiende materiaal- en plantenkeuze en een ongebreidelde werkijver
leiden tot een niet te evenaren levenswerk van ons medlid-tuinaannemer Stefaan.
Het hoeft niet gezegd dat iedereen genoot van het bezoek en dat dit één
van de hoogtepunten was in ons werkjaar 2010.
Wij hadden ons voorgenomen
om dit bezoek op deze zomerse avond (zo was het gepland...) te besluiten met een
drankje bij een stralende ondergaande zon ergens te midden van de grasvlaktes.
Maar de weergoden waren ons niet zo gunstig gezind. Saint-Medard (8 juni...) maakt
zijn naam weer waar. Gelukkig kon iedereen terecht in de overdekte zitruimte voor
een drankje en wat nagepraat. Daarbij had Bernadette, de echtgenote van Stefaan,
de open haard aangemaakt die vele verkleumden weer deed opwarmen. De geur van
brandend hout midden in de junimaand, nog zelden meegemaakt...













































Foto's en verslaggeving: Ghislain Leroy
Foto's
en teksten die niet voldoen aan deze voorwaarden zullen systematisch geweigerd
worden.